Ansel VS211 User Manual Page 22

  • Download
  • Add to my manuals
  • Print
  • Page
    / 321
  • Table of contents
  • BOOKMARKS
  • Rated. / 5. Based on customer reviews
Page view 21
21
gezegd van arduinsteen; z. Stallaert, die ook
hick
‘wrok, bittere haat’ heeft; vgl. fra.
pique.
Ook later komt
hikken
als ‘hakken’ voor; z. Mnl. Wb. Hierbij Teuth.
onthycken
‘beginnen’; vgl. het feit dat
ontginnen
, fra.
entamer
e.a. de bet. ‘beginnen’ en
‘aansnijden’ vereenigen; bij
onthycken
kan men uitgaan van ‘aankappen’. - Ndl.
hikken
‘mikken’ kan ontstaan zijn door vermenging van
hitten
en
mikken
; vgl. ben.
hippe.
HINDER. Neemt men, zooals ook Franck-Van Wijk doet, verwantschap aan tusschen
hij
en on.
hánn
,
hann
, dan bestaat er alle reden om met Noreen bij de volgende
woorden, en dus ook bij ons
hinder
, Ablaut-verhouding aan te nemen: on.
handan
‘van gene zijde’ adv.,
hindre
‘later’ adj.,
hindar
(
r
) ‘later’ adv.,
hinztr
‘laatst’ adj.,
hinzt
adv., ogutn.
handar mair
‘verder weg’.
Nwfri. HIPPE ‘treffen’ zal wel berusten op een dgl. vermenging als bov.
hikken
slot
is besproken. Het zou kunnen ablauten met ode.
hap
, volgens Kalkar < *
happen
‘gelukkig’, oijsl.
hap
n. ‘wat tot eer en voordeel strekt’,
heppinn
,
hap
bezittend’;
aannemelijker schijnt een geheel overeenkomstig ofri. ww. *
heppa
, welks
e
door
invloed van (in de Nalezing op het Fri. Wb. vermeld)
hitte
‘treffen’ door
i
werd
vervangen; vgl. bov.
hikken
slot. Z. verder Falk og Torp
heppen.
HOMMEL. Het verband met
to hum
enz. vindt steun in gron.
huller
< *
huler
bij
hoelen
(mnd.
hûlen
), b.v. ook van den wind, en
bromster
; z. Molema, die verder
bremster
heeft als ‘paardenvlieg’; ik ken het als naam van een insect dat zich
evengoed op koeien zet.
HOOFD. On.
hǫfoþ
<
hauƀuð
(Noreen An. Gr. I
3
§ 94, 1). - Bij ags.
hafola
nwfri.
holle.
HUI. Voor de
ui
neemt Franck-Van Wijk denzelfden oorsprong aan als in
lui
‘piger’.
Maar terwijl het laatste in 't mnd. is
loi
(
e
) [
leu
in een tekst die blijkbaar naar 't mnl.
overhelt], geeft het Mnd. Wb. uit Neocoris, Chronik des Landes Dithmarschen 1,
138 èn
heie
èn
hoie
n. Dit wijst op een klank als ndl.
ui
(vgl. dezelfde wisseling in
‘sluier’ en ‘moeien’), en
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Page view 21
1 2 ... 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 ... 320 321

Comments to this Manuals

No comments