Ansel VS211 User Manual Page 126

  • Download
  • Add to my manuals
  • Print
  • Page
    / 321
  • Table of contents
  • BOOKMARKS
  • Rated. / 5. Based on customer reviews
Page view 125
125
waarvan een kritiese tekst op grond van twee of meer handschriften groter waarborg
van betrouwbaarheid geeft. Voor deze ‘rolie’ kunnen we beschikken over twee
handschriften, nl. de Brusselse handschriften N
o
667 (het grote handschrift) en het
oudere, maar slordiger handschrift N
o
2559, terwijl voor het eerste gedeelte de
Confabulacio amorosa
uit het Deventer handschrift
Van vijf manieren broederliker
minnen
parallel loopt
1)
. Ondanks de slordigheden - die met behulp van het grote
handschrift te verwijderen zijn - koos ik het oudere handschrift, waarnaast ik de
belangrijkste varianten van de beide andere handschriften plaatste. Voor Hs. 667,
dat ik slechts gedeeltelik afschreef, kon ik mijn voordeel doen met een afschrift dat
Dr. J. van Mierlo S.J. welwillend tot mijn beschikking stelde.
Bij de kritiese uitgave van dit kleine werk dient zich nu m.i. aan te sluiten een
uitgave van het bovengenoemde uitvoerige traktaat uit het Deventer handschrift,
vergeleken met het Brusselse. Dan eerst krijgt een uitgever van de grote
handschriften vaste grond onder de voeten. Een dergelijke uitgave, die een boekdeel
vereist, zou ongetwijfeld de moeite lonen
2)
.
De afgeschreven fragmenten heb ik in de volgende groepen samengebracht:
I.
De
goede coc
over zich zelf en over zijn werk.
1
o
Cap. XIX van
Dat boeck van der bedinghen
(Hs. 667, fol. 65
b
), getiteld: ‘Hoe
vermaledijt dat es, alles dincs ledich te staen, ende van des Cocs arbeyde’.
1) Vgl. het genoemde artikel,
Tijdschr.
XXII, blz. 148. Ten onrechte wordt daar gezegd dat ‘dit
hele stuk vrij duister is’. Bij een nauwkeuriger lezing en vergelijking, waarbij uit beide
handschriften menige fout kon verbeterd worden, bleef er van de duisterheid niet veel over.
2) Het uitvoerige uittreksel, met brede aanhalingen, dat ik uit het Deventer handschrift maakte,
en dat ons Jan van Leeuwen als navolger van Ruusbroec leert kennen, zou meer in een
kerkhistories, dan in een taal- en letterkundig tijdschrift op zijn plaats zijn. Vandaar dat ik het
nu achterhoud, al is het ter beschikking van belangstellenden.
Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 34
Page view 125
1 2 ... 121 122 123 124 125 126 127 128 129 130 131 ... 320 321

Comments to this Manuals

No comments